Commentary

Financieele Dagblad · 13 maart 2024 · Dr Kelly Alexander

CBAM drijft Afrikaanse bedrijven in de armen van Rusland en China

Het Europese klimaatbeleid bestaat voornamelijk uit eenrichtingsverkeer. Dat geldt helemaal zo voor Afrikaanse economiëen, die onvoorbereid en zonder overleg worden geconfronteerd met nieuwe maatregelen die de Europese economie moeten vergroenen én beschermen. Van uitgebreid overleg over nut of noodzaak vooraf, of van begeleiding na eenzijdige implementatie, is geen sprake.

Een pijnlijk voorbeeld hiervan is het in 2023 ingevoerde carbon border adjustment mechanism (CBAM) – in goed Nederlands: grensheffingsmechanisme. Dit mechanisme zorgt voor een gelijk speelveld door te voorkomen dat een Europees bedrijf de boel kan verplaatsen naar een land waar men het nog niet zo nauw neemt met de lokale milieuwetgeving. Dit fenomeen, carbon leakage genoemd, wordt tegengegaan door de eis te stellen dat als je iets in Europa wilt verkopen, je betaalt voor de emissies die bij de productie vrijkomen – ongeacht waar deze plaatsvindt.

Met deze CO2-grensheffing creëert Europa een waarborg voor de eigen economische positie, en wil het een vertrek van Europese bedrijven de facto onmogelijk maken.

Speelveld

Kind van de rekening is de ontwikkelende economie, en dan voornamelijk Afrika. CBAM maakt het voor Afrikaanse bedrijven onmogelijk om hun oude competitieve voordeel – een minder restrictief en gereguleerd industriebeleid – te gebruiken. Zij moeten nu een CO2-grensheffing betalen bij export naar Europa en, zo mogelijk nog erger, ze krijgen er een bescheiden berg papierwerk bij om überhaupt te kunnen exporteren.

Uit voorlopige onderzoeksresultaten uit mijn studie naar de impact van CBAM op Afrikaanse economiëen valt op hoeveel Afrikaanse bedrijven aangeven de gedachte achter het grensheffingsmechanisme te onderschrijven. Zij zien het belang van klimaatwetgeving en lopen niet weg voor de mogelijke gevolgen ervan voor hun bedrijfsvoering.

In Afrika is er een breed gedragen ongeloof over de Europese naïviteit; China en Rusland plukken daar de vruchten van.

Wat er bij de Afrikaanse ondernemers niet in gaat is dat CBAM een gelijk speelveld creëert. Een gelijk speelveld betekent voor hen juist vereenvoudiging van de toegang tot de markt. Minder Europese hordes, niet méér. Ze nemen het Europa kwalijk dat deze horde zonder overleg met hen is opgeworpen.

Meer nog dan het sentiment dat Afrika zich niet gehoord voelt, is er een breed gedragen ongeloof dat het grensheffingsmechanisme, zoals het nu is vormgegeven, zijn eigen doel bereikt. Met China en Rusland die klaarstaan om bedrijven op te vangen die door de Europese markt worden buitengesloten, lopen de geopolitieke kosten van dit falen op.

Kelly Alexander is adjunctprofessor bij het Gordon Institute of Business Science aan de Universiteit van Pretoria.

Lees het origineel op Financieele Dagblad →
Auto-translated to English — original published in Dutch in Financieele Dagblad, 13 March 2024

CBAM is pushing African businesses into the arms of Russia and China

European climate policy is primarily a one-way street. This applies above all to African economies, which are confronted — unprepared and without consultation — with new measures designed to make the European economy greener and more protected. There is no question of extensive prior consultation about the purpose or necessity, or of support following unilateral implementation.

A painful example is the Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM), introduced in 2023. This mechanism creates a level playing field by preventing European companies from relocating to countries with less stringent environmental regulations — carbon leakage. It does so by requiring that anyone wishing to sell in Europe must pay for the emissions generated during production, wherever that production takes place.

With this carbon border levy, Europe is safeguarding its own economic position and making it effectively impossible for European companies to relocate.

Level playing field

The developing world — and Africa in particular — is left to pick up the bill. CBAM makes it impossible for African businesses to use their old competitive advantage: a less restrictive industrial policy. They must now pay a carbon border levy when exporting to Europe, and face a considerable burden of paperwork just to export at all.

Preliminary findings from my research into CBAM’s impact on African economies reveal how many African businesses say they support the principle behind the mechanism. They recognise the importance of climate legislation and do not shy away from its consequences for their operations.

In Africa, there is widespread disbelief at European naivety — and China and Russia are reaping the geopolitical benefits.

What African entrepreneurs cannot accept is the idea that CBAM creates a level playing field. For them, that means simplifying market access — fewer European hurdles, not more. They resent Europe for erecting this hurdle without consulting them.

Beyond the sentiment that Africa is not being heard, there is a broad conviction that the border adjustment mechanism, as currently designed, fails its own stated purpose. With China and Russia ready to absorb businesses priced out of the European market, the geopolitical cost of this failure is mounting.

Kelly Alexander is an associate professor at the Gordon Institute of Business Science, University of Pretoria.